Goede sportvoornemens: 10 vragen aan een hoogleraar sportpsychologie
Januari: dé maand van goede voornemens, nieuwe sportkleding en misschien zelfs een abonnement bij een sportschool of sportvereniging. Inmiddels is het maart. Buiten is het koud, je agenda zit vol en je merkt dat je sneller moe bent. En je goede sportvoornemens? Die zijn verdwenen, als sneeuw voor de zon.
Geldt dit ook voor jou? Geen probleem, je bent niet de enige. De belangrijkste vraag is dan ook niet: ‘Waarom lukt het niet om me aan mijn goede sportvoornemens te houden?’ Maar: 'Hoe pak ik het slim aan, zodat ik het sporten wél volhoud?’
Om daar antwoord op te krijgen stelden we tien vragen aan Nico van Yperen, hoogleraar sportpsychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Zijn kijk is even helder als nuchter. Geen magische motivatie-trucs, maar praktische inzichten over gedrag, routine en het belang van plezier.

1. Waarom is sporten (én bewegen) zo belangrijk?
Volgens Van Yperen denken we vaak te smal. In plaats van alleen te praten over sporten, kunnen we het beter hebben over bewegen. “Sporten is maar één vorm van bewegen. En bewegen is goed voor je hele systeem: voor je spieren, je conditie, maar ook voor je hoofd.”
Van Yperen legt uit dat je, door buiten te zijn, automatisch ook mentaal actief bent: “je let op je omgeving, maakt keuzes en krijgt frisse prikkels.” Bovendien is bewegen vaak sociaal: “samen wandelen, fietsen of sporten helpt je om met anderen in contact te komen én te blijven.”
Lees ook: 3 tips om jouw vitamine D en humeur op peil te houden
2. Waarom haken veel mensen al af in januari?
Veelgehoorde drempels zijn kou, regen en vermoeidheid. Van Yperen: "Als je tóch wilt blijven bewegen, moet je terug naar de kern. Stel jezelf de vraag: 'Waarom wil ik dit?’
Als je motivatie alleen is ‘omdat het hoort’ of ‘omdat anderen het doen’, dan win je het niet van regen en vermoeidheid. Maar als je vanbinnen voelt dat je fitter wil worden, beter wil slapen of je goed wil voorbereiden op een wedstrijd, dan wordt het makkelijker om toch te gaan.”
3. Wat is de grootste fout die mensen maken met hun goede sportvoornemens?
De grootste fout is volgens Van Yperen niet een gebrek aan discipline. De grootste fout is vaagheid: “Veel mensen zeggen: ‘Ik wil meer bewegen.’ Maar ze denken niet door.
Bedenk vooraf hoe je het gaat doen. Welke sport? Waar? Wanneer? Wat doe je als het slecht weer is? Wat doe je als je moe bent? Zonder plan blijft het bij een wens.”
4. Hoe maak je een goed voornemen?
“Een goed voornemen is concreet, haalbaar en past bij je leven. Dus niet: ‘Ik ga vanaf nu vijf keer per week sporten,’ terwijl je daar op dit moment niet zoveel tijd voor kunt vrijmaken. Maar wel: ‘Ik wandel op maandag en donderdag na het eten 30 minuten.’”
5. Wat als je al lang niet meer hebt gesport?
Van Yperen ziet vaak dat mensen te vroeg te veel willen. Zijn advies: “Begin klein en bouw rustig op. Wil je bijvoorbeeld weer gaan voetballen na jaren niet sporten? Begin met vaker wandelen, joggen en met korte inspanningen voetballen.
Het doel is dat het goed voelt — niet dat je jezelf sloopt. Als je te snel te veel gaat doen, is de kans groot dat je het niet leuk vindt of dat je lichaam overbelast raakt.”
6. Hoe voorkom je dat je te fanatiek start?
Dit geldt niet alleen voor beginners; ook meer ervaren sporters maken deze fout. Van Yperens advies is simpel: “Luister naar je lichaam. Vooral de dag nadat je gesport hebt. Spierpijn of andere vormen van pijn zijn feedback. Voel je dat je te ver bent gegaan? Neem rust en probeer om de volgende keer iets minder te doen.”
7. Hoe ga je om met gevoelens van onzekerheid?
Van Yperen herkent die drempel. Zeker bij mensen die zich ‘niet sportief genoeg’ voelen. Zijn advies: “Beweeg of sport samen met een bekende. Een vriend, vriendin, ouder, kind, huisgenoot of collega. Dat maakt de stap kleiner. Je voelt je meer op je gemak, sneller welkom in een groep, en je hebt steun aan elkaar.”
"En," voegt Van Yperen daar aan toe: “onthoud dat bewegen veel breder is dan ‘in een sportschool staan’. Wandelen, fietsen en dansen zijn óók manieren om actief te zijn.”
8. Helpt samen sporten om het vol te houden?
"Samen sporten kan helpen omdat je dit beschouwt als een afspraak. Dat geeft sociale druk: je wordt ergens verwacht. Denk aan een wandelclub, een fietsclub of een vaste training met je team.
Maar: uiteindelijk zul je de activiteit leuk moeten vinden. Als het bij een verplichting blijft, houd je het meestal niet lang vol. De activiteit zelf moet je energie geven.”
9. Hoe past sporten in een druk leven?
Hier is het volgens Van Yperen belangrijk om realistisch te zijn: “Je kunt niet alles. Als je agenda vol zit, moet je keuzes maken. Sporten of bewegen toevoegen betekent dat je minder tijd hebt voor andere zaken.”
Zijn advies: “Kijk naar je leven zoals het nu is. Wat is realistisch? En wat kan en wil je ervoor opgeven? Ga terug naar de kern en stel jezelf de vraag: ‘Waarom wil ik dit?’”
10. Hoe belangrijk is routine?
“Als bewegen een gewoonte wordt, hoef je er minder over na te denken. Dan wordt het net zo normaal als ontbijten of tandenpoetsen. En juist dat maakt het duurzaam.
Als je gezond gedrag automatiseert en er een gewoonte van maakt, dan leef je gezond zonder dat het steeds veel moeite kost. Je hoeft dan niet telkens opnieuw te beslissen: ‘Ga ik wel of niet?’ En je loopt minder snel vast op drempels of excuses.”
Van voornemen naar gewoonte met Sport050
Alweer gestopt met je goede sportvoornemens? Het belangrijkste is dat je de draad weer oppakt op een manier die bij jóu past. Zo maak je van jouw sportvoornemen een gewoonte:
- Bepaal waarom je wilt bewegen
- Kies een vorm die je leuk vindt én die goed bij je (agenda) past
- Maak je voornemens concreet en haalbaar
- Begin klein, en bouw rustig op
- Maak van bewegen een routine met vaste momenten in de week
Meteen iets vinden dat bij jou past? Via Sport050 ontdek je het meest complete sportaanbod in Groningen. Met meer dan 200 aanbieders vind je altijd een manier van bewegen die bij je past.

