‘Er komt veel op verenigingen af’
Voor amateursportclubs is het niet makkelijk om de boel draaiend te houden. Sinds kort kunnen ze voor hulp en advies terecht bij één sportloket: Team Clubsupport. Clubondersteuner Marten Waard en sportbestuurder GP De Vries vertellen hoe dat clubs helpt om door de bomen het bos te blijven zien.
Een club besturen is niet altijd makkelijk, zoals clubbestuurders weten. Clubs komen steeds moeilijker aan vrijwilligers. De vrijwilligers die er zijn, komen soms met elkaar in conflict. Soms krijg je te maken met kritische ouders van jeugdleden, die het beter weten. Door een constant verloop van bestuursleden voelt het alsof je steeds opnieuw het wiel moet uitvinden.
Voor die ‘zachte’ kant van de cluborganisatie (alles met mensen) kun je wel wat hulp gebruiken. De gemeente Groningen heeft veel kennis in huis. Alleen: bij wie moet je zijn, voor wat, en waar? Sinds kort is er één sportloket: Team Clubsupport. Achter dat loket kom je al snel clubondersteuner Marten Waard tegen.
Op een vroege maandagochtend zit Waard op zijn kantoor op Sportcentrum Kardinge met GP De Vries van de Sportkoepel Groningen, met wie hij veel overlegt. Groningen heeft ongeveer 250 sportclubs, en Waard is de enige clubondersteuner. “Ik heb de Sportkoepel heel hard nodig om te weten wat er leeft en wat er speelt bij de clubs.” Behalve uit Waard bestaat Team Clubsupport uit drie ‘klantregisseurs’ en wordt er op specifieke thema's verbinding gezocht met andere ondersteuners, zoals de sportregisseur sociale veiligheid of verenigingsondersteuners van sportbonden.

Waarom heeft Groningen een Team Clubsupport nodig?
Waard: “Omdat de clubs het ontzettend zwaar hebben op het moment. Dat is al een tijd zo, maar door corona hebben ze een extra tik gehad. Dat is alweer even geleden, maar ik denk dat het nog doorwerkt in hoe clubs er nu voorstaan.”
Het gaat niet goed met de clubs?
De Vries: “Het kan beter. Er zijn clubs die top draaien, en er zijn clubs die niet vitaal zijn. Vitaal is: minimaal drie mensen in het bestuur, elk jaar een ALV, een jaarverslag, een inschrijving bij de Kamer van Koophandel en meer van die zaken. Er zijn verenigingen met één bestuurslid. Valt die weg, dan valt de vereniging om.”
Wat zijn op dit moment de grootste uitdagingen voor de verenigingen?
Waard: “Er is een tekort aan trainers. Clubs hebben moeite trainers te vinden, op te leiden en te behouden. Corona heeft een gat geslagen in het opleiden van trainers, waar de clubs nog steeds niet van zijn hersteld. Daarom heeft de gemeente extra subsidies voor het opleiden van trainers.”
De Vries: “Training geven is niet makkelijker geworden. Vijftig jaar geleden deden ze gewoon wat je zei als je een oefening gaf. De jeugd is veel mondiger geworden. Daar moet je tegen kunnen. Dat geldt ook voor andere vrijwilligers. Wat je soms te horen krijgt. Dan is het niet altijd even leuk om achter een bar te staan of een team te begeleiden of op maandagochtend de troep op te ruimen.”
Wat kan Team Clubsupport daaraan doen?
Waard: “Er is een wildgroei aan hulp om die clubs heen. Je hebt de Sportkoepel, het Huis voor de Sport Groningen, buurtsportcoaches, verenigingsadviseurs, de Hanze, het Alfa-college. Er is zóveel hulp voor die clubs. Die zien door de bomen het bos niet meer.”
Ik probeer helder te krijgen wat de hulpvraag is, en in dat woud aan hulp de juiste partner te vinden. Soms is een sparringsgesprek voldoende, soms wijs je clubs waar ze informatie kunnen vinden, en soms schakel je daadwerkelijk hulp in.”
Voor welke dingen kunnen ze jou bellen en voor welke niet?
Waard: “Ze kunnen mij voor alles bellen.”

Het nieuwste Sport050 magazine online lezen? Klik hier
